Een lievelingslied. Foto’s uit een heel leven. Bloemen uit de eigen tuin. Een afscheid in het favoriete café. De kleinkinderen die de kist beschilderen. Iedereen in kleur in plaats van zwart.
Als het over uitvaarten gaat, horen we steeds vaker dat een afscheid ‘persoonlijk’ moet zijn.
En daar zijn wij het eigenlijk helemaal mee eens.
Maar er zit ook een andere kant aan.
Want wat als je helemaal geen bijzondere ideeën hebt? Wat als degene die is overleden nooit heeft verteld hoe de uitvaart eruit moest zien? Of als je hoofd er simpelweg niet naar staat om in een paar dagen tijd allerlei originele dingen te bedenken?
Dan kan het woord persoonlijk ineens bijna als een opdracht gaan voelen.
Terwijl dat nou juist niet de bedoeling is.
Persoonlijk is niet hetzelfde als bijzonder
Een persoonlijke uitvaart hoeft niet spectaculair te zijn.
Er hoeft geen bijzondere locatie gevonden te worden. Je hoeft geen originele kist te bedenken. Er hoeft geen liveband te spelen en niemand hoeft binnen te komen op een motor.
Dat mág allemaal.
Maar een afscheid met dertig mensen in een aula, drie muziekstukken, bloemen en na afloop samen koffie drinken kan net zo persoonlijk zijn.
Het verschil zit niet in hoeveel bijzondere dingen je organiseert.
Het zit in de vraag of de keuzes die je maakt passen bij degene van wie je afscheid neemt en bij de mensen die achterblijven.
Soms is eenvoudig precies goed.
Je hoeft geen uitvaart te ontwerpen
Dat vinden we belangrijk om te zeggen.
Na een overlijden komt er al genoeg op je af. Je hoeft daarnaast niet ineens creatief directeur van een afscheid te worden.
De meeste mensen hebben bovendien nauwelijks ervaring met het organiseren van een uitvaart. Waarom zou je dan binnen een paar dagen precies moeten weten wat je wilt?
Dat hoeft niet.
Als wij bij een familie binnenkomen, verwachten we geen lijst met wensen en ook geen uitgewerkt idee.
We beginnen liever met een gesprek.
Wie was degene die is overleden?
Van daaruit komt de rest.
De kleine dingen vertellen vaak het meeste
Als je iemand probeert te beschrijven, begin je misschien met de grote dingen.
Werk. Gezin. Woonplaats. Hobby’s. Reizen. Belangrijke gebeurtenissen.
Maar als familie en vrienden langer praten, komen vaak heel andere verhalen boven.
Dat iemand iedere ochtend exact hetzelfde ontbijt at. Altijd te laat kwam. Een afschuwelijk oud vest had dat absoluut niet weggegooid mocht worden. Op iedere verjaardag hetzelfde gerecht maakte. Eén bepaalde uitspraak voortdurend gebruikte. Of een liedje zó vaak draaide dat de rest van het gezin het eigenlijk niet meer kon horen.
Dat lijken misschien onbelangrijke details.
Maar juist daarbij zegt een familie vaak meteen: “Ja, dát was typisch mam.”
Daar zit persoonlijkheid.
En zo’n klein detail kan soms veel meer betekenen tijdens een afscheid dan iets wat speciaal voor de gelegenheid is bedacht.
Een uitvaart mag ook gewoon een uitvaart zijn
We zien tegenwoordig prachtige afscheidsbijeenkomsten op allerlei bijzondere plekken. In tuinen, restaurants, theaters, op landgoederen of midden in de natuur.
Dat kan geweldig zijn.
Maar daardoor kan ook het idee ontstaan dat een afscheid in een crematorium of uitvaartcentrum minder persoonlijk zou zijn.
Dat is niet zo.
Een aula is uiteindelijk een ruimte.
Wat daar gebeurt, bepalen jullie voor een belangrijk deel zelf.
De muziek die klinkt. De mensen die spreken. De foto’s die worden getoond. De bloemen. Een voorwerp dat wordt neergezet. De manier waarop iemand wordt herinnerd.
En misschien wil je helemaal niets bijzonders met die ruimte doen.
Ook goed.
Persoonlijk zit niet in de locatie alleen.
Niet iedereen wil een viering van het leven
Ook dat mag gezegd worden.
De term ‘viering van het leven’ wordt steeds vaker gebruikt voor een uitvaart. Voor sommige mensen past dat prachtig. Er mag muziek zijn, kleur, eten, drinken, verhalen en veel gelach.
Maar niet ieder overlijden voelt als een moment waarop je iets wilt vieren.
Soms is iemand veel te jong overleden. Soms kwam het overlijden onverwacht. Soms was de weg ernaartoe zwaar. Soms is het verdriet simpelweg te groot om op dat moment iets van een viering te voelen.
Dan hoeft dat ook niet.
Een afscheid mag verdrietig zijn.
Het mag stil zijn.
Het mag zwaar voelen.
Een persoonlijke uitvaart betekent voor ons niet dat verdriet moet worden omgebogen naar iets positiefs. Het betekent dat er ruimte is voor wat er werkelijk is.
En er mag óók gelachen worden
Andersom geldt precies hetzelfde.
Een uitvaart hoeft niet van begin tot eind ernstig te zijn om respectvol te zijn.
Wie samen herinneringen ophaalt, komt bijna vanzelf bij verhalen terecht waar om gelachen wordt.
Misschien juist op een moment waarop niemand dat verwacht.
Dat kan even vreemd voelen. Alsof lachen eigenlijk niet hoort wanneer iemand net is overleden.
Maar humor en verdriet kunnen prima naast elkaar bestaan.
Je lacht niet omdat iemand er niet meer is.
Je lacht omdat iemand er wás.
En soms is een zaal vol mensen die tegelijkertijd om een herkenbaar verhaal lachen een van de mooiste momenten van een afscheid.
Moet alles over de overledene gaan?
Niet per se.
Dat klinkt misschien vreemd, maar een uitvaart is er ook voor de mensen die achterblijven.
Natuurlijk willen we recht doen aan degene die is overleden. Maar de wensen en behoeften van nabestaanden doen er eveneens toe.
Misschien had iemand ooit gezegd: “Gooi mij maar ergens in een kartonnen doos en doe vooral geen moeite.”
Dat klinkt lekker makkelijk.
Totdat zijn partner, kinderen of vrienden behoefte blijken te hebben aan een plek en een moment om afscheid te nemen.
Ook dat telt.
We zoeken daarom niet alleen naar wat iemand zelf waarschijnlijk gewild zou hebben. We kijken ook naar wat de mensen die verder moeten nodig hebben.
Soms moet daar een evenwicht in worden gevonden.
Wat als iemand zijn wensen heeft vastgelegd?
Dat kan enorm helpen.
Als iemand heeft aangegeven begraven of gecremeerd te willen worden, bepaalde muziek heeft gekozen of een specifieke wens voor het afscheid had, geeft dat houvast.
Maar ook dan hoeft niet ieder detail al vast te liggen.
Een uitvaart wordt immers niet alleen gemaakt door degene die is overleden. Familie en vrienden brengen hun eigen herinneringen mee.
Iedereen kende een ander stukje van dezelfde persoon.
Een partner kent iemand anders dan een broer of zus. Een kind heeft andere herinneringen dan een collega. Een oude vriend kent misschien verhalen uit een tijd waar de kleinkinderen niets van weten.
Juist al die verschillende perspectieven kunnen samen een rijker beeld geven van wie iemand was.
Wat als iemand helemaal niets heeft vastgelegd?
Dan is er geen reden voor paniek.
Heel veel mensen leggen weinig of niets vast over hun eigen uitvaart.
Je hoeft dan niet te raden naar een perfect afscheid dat ergens in hun hoofd zou hebben bestaan.
Begin bij wat je wél weet.
Hoe leefde iemand?
Waar hield hij of zij van?
Wat voelde vertrouwd?
Wat zou iedereen onmiddellijk herkennen?
En misschien ook: wat zou absoluut níét passen?
Dat laatste is soms verrassend behulpzaam.
“Mijn vader zou dit verschrikkelijk hebben gevonden” vertelt namelijk óók iets over je vader.
Langzaam ontstaat zo een richting.
Persoonlijk hoeft niet letterlijk te zijn
Stel dat iemand gek was op zeilen.
Dan hoeft er niet noodzakelijk een boot in de aula te staan, iedereen in een matrozenpak te komen en ieder detail een nautisch thema te krijgen.
Misschien is één foto op het water genoeg.
Of een muziekstuk dat altijd tijdens het varen werd gedraaid.
Hetzelfde geldt voor hobby’s, beroepen, sportclubs en andere dingen die belangrijk waren.
Je hoeft iemands hele leven niet om te zetten in decoratie.
Soms werkt subtiliteit juist veel sterker.
Een klein detail kan bij de mensen die iemand goed kenden onmiddellijk een herinnering oproepen. Voor iemand anders betekent het misschien niets.
Dat is niet erg.
Misschien maakt juist dát het persoonlijk.
Niet ieder familielid kende dezelfde persoon
Dit is soms een van de ingewikkeldste onderdelen van een afscheid.
Voor de één was iemand een vader. Voor een ander een broer. Een partner. Een opa. Een vriend. Een collega.
En die ervaringen hoeven niet allemaal hetzelfde te zijn.
Ook binnen een familie kunnen herinneringen, relaties en gevoelens verschillen.
Daarom bestaat er niet altijd één verhaal dat iedereen precies hetzelfde ervaart.
Dat hoeft ook niet.
Een afscheid mag meerdere kanten van iemand laten zien.
Juist wanneer verschillende mensen iets bijdragen, ontstaat soms een beeld dat niemand in zijn eentje had kunnen maken.
Wat als de familie het niet eens wordt?
Dat komt voor.
De één wil een traditionele ceremonie. De ander vindt dat totaal niet passen. Iemand wil veel mensen uitnodigen en iemand anders wil het liefst alleen met de directe familie zijn.
Dan helpt het meestal niet om meteen te bepalen welk idee het beste is.
We gaan liever terug naar de vraag eronder.
Waarom is deze keuze voor jou belangrijk?
Misschien blijkt degene die een kleine uitvaart wil vooral bang voor drukte en verplichtingen. En degene die veel mensen wil uitnodigen vindt het belangrijk dat iedereen die van iemand hield afscheid kan nemen.
Dan heb je ineens een ander gesprek.
Niet meer: wie krijgt zijn zin?
Maar: hoe kunnen we recht doen aan wat voor jullie allebei belangrijk is?
Daar ontstaat vaak ruimte.
Een persoonlijk afscheid hoeft niet duurder te zijn
Ook persoonlijk en kostbaar zijn twee verschillende dingen.
Natuurlijk kun je veel geld uitgeven aan een bijzondere locatie, uitgebreid vervoer, bloemen, catering of andere wensen.
Maar sommige van de meest persoonlijke onderdelen van een afscheid kosten nauwelijks iets.
Een zelfgeschreven brief.
Bloemen uit de tuin.
Foto’s uit oude albums.
Een gerecht dat iemand altijd maakte.
Kleinkinderen die iets tekenen.
Een vriend die gitaar speelt.
Een voorwerp uit huis dat naast de kist staat.
De waarde daarvan staat niet op een factuur.
Andersom geldt overigens ook: als jullie juist groots willen uitpakken en daar het budget voor hebben, hoeft niemand zich daarvoor te verontschuldigen.
Persoonlijk gaat niet over goedkoop of duur.
Het gaat over keuzes die betekenis hebben.
Wanneer is het dan persoonlijk genoeg?
Misschien is dat eigenlijk de verkeerde vraag.
Een uitvaart hoeft niet te bewijzen hoe bijzonder iemand was.
Je hoeft een heel leven niet in één ochtend of middag samen te vatten. Dat kan ook helemaal niet.
En je hoeft na afloop niet te kunnen zeggen dat werkelijk ieder detail uniek was.
Als je terugkijkt en denkt:
dit voelde als hem,
dit had zij mooi gevonden,
dit was goed voor ons,
dan is dat genoeg.
Het hoeft niet perfect te zijn om te kloppen
Dat vinden we misschien nog wel belangrijker.
Een uitvaart vindt plaats in een periode waarin emoties hoog kunnen zitten en er in korte tijd veel moet gebeuren.
Er kan iets anders lopen dan gepland. Iemand kan tijdens een toespraak zijn woorden kwijt zijn. Een kind kan midden in de stilte iets roepen. Het weer kan omslaan. Een muziekstuk kan ineens veel harder binnenkomen dan verwacht.
Dat maakt een afscheid niet minder geslaagd.
Het is geen voorstelling die perfect uitgevoerd moet worden.
Het is een moment waarop mensen afscheid nemen van iemand die belangrijk voor ze was.
En misschien is dat ook de beste manier om naar een persoonlijke uitvaart te kijken.
Niet: hoe maken we hier iets bijzonders van?
Maar:
Wie was deze persoon?
Wat hebben wij nu nodig?
En wat voelt voor ons goed?
Daar beginnen we.
De rest ontstaat vaak vanzelf.